NEDERLANDS
🇪🇸

    Aflaten

    uncommonZipf 2.5

    zelfstandig naamwoord, enkelvoud; werkwoord

    • de aflaat

      Sustantivo/'ɑflat/

      enkelvoud

      aflaat

      meervoud

      aflaten
    • aflaten

      Verbo/'ɑflatən; 'ɑflatə/

      infinitief

      aflaten

      tegenwoordige tijd

      laat afaflaatlaten afaflaten

      verleden tijd

      liet afaflietlieten afaflieten

      tegenwoordig deelwoord

      aflatendaflatende

    Crea una cuenta gratuita para generar la entrada completa de esta palabra.

    Gratis. Sin contrasena.

    Sigue aprendiendo