NEDERLANDS
↓↑Enter →
  • 11Auto(de)
    Sustantivovoertuig met wielen
  • 22Autoën
    Verbobeweging met auto

Explorar

DiccionarioVocabularioMis palabrasPalabras recientes
NEDERLANDS
↓↑Enter →
🇪🇸
  • 11Auto(de)
    Sustantivovoertuig met wielen
  • 22Autoën
    Verbobeweging met auto
  1. NEDERLANDS
  2. /Diccionario
  3. /Auto
DiccionarioAuto

Auto

  • deauto

    Sustantivo

    voertuig met wielen

    1. gemotoriseerd voertuig met vier wielen, bedoeld voor personenvervoerDat voertuig is nieuw en snel.
    2. persoonlijk bezit dat men gebruikt voor reizenIk heb mijn auto gewassen.
    3. symbolisch voor vrijheid of onafhankelijkheid, vaak in uitdrukkingen gebruiktEen auto geeft je de vrijheid om te gaan en staan waar je wilt.
    4. diminutief van 'auto', vaak gebruikt voor kleine auto's of in informele contextenDit autootje rijdt snel.
  • autoën

    Verbo

    beweging met auto

    1. verrichten van een activiteit met een voertuig, zoals rijden in een autoHij rijdt met zijn voertuig naar school.
    2. met een auto ergens naartoe gaanDe bestemming is een klein dorp in de bergen.
    3. de handelingen van het besturen of rijden in een autoBesturen is belangrijk voor veilige verkeersdeelneming.
    4. afgeleid van 'auto' in informele contextenWe auto’en naar het strand als het mooi weer is.

Palabras relacionadas

autootjeautootjesauto's

Sigue aprendiendo

Más palabras de nivel A1Practicar