NEDERLANDS
🇪🇸
  • Bah
    Interjeccionuitroep van afkeer of minachting
  • Bah(het)
    Sustantivohet geluid van bah
  • Bah(de)
    Sustantivoiets vies poep of urine

Bah

  • bah

    Interjeccion

    uitroep van afkeer of minachting

    1. afkeer

      Een korte uitroep om te laten zien dat je iets vies of onaangenaam vindt.

      Bah, wat vies!

    2. minachting

      Een uitroep om onenigheid, afkeuring of lichte minachting uit te drukken tegenover een persoon of idee.

      Bah, wat een slecht plan.

    bah zeggenbah roepenbah, wat vies
  • hetbah

    Sustantivo

    het geluid van 'bah'

    1. geluid

      Het korte geluid dat iemand maakt om afkeer, walging of minachting te tonen.

      Het bah dat ze maakte, klonk duidelijk van walging.

    een bah laten horenhet bah zeggen
  • debah

    Sustantivo

    iets vies; poep of urine

    1. vies

      Informeel woord voor iets vies, meestal (dierlijke of menselijke) poep of urine.

      Ik ruimde de bah van de hond op.

    de bah opruimenstinkende bahverse bah

Sigue aprendiendo