NEDERLANDS
🇪🇸

    Bijspijkeren

    uncommonZipf 2.1

    werkwoord

    • bijspijkeren

      Verbo/'bɛɪspɛɪkərən; 'bɛɪspɛɪkərə/

      infinitief

      bijspijkeren

      tegenwoordige tijd

      spijker bijbijspijkerspijkert bijbijspijkertspijkeren bijbijspijkeren

      verleden tijd

      spijkerde bijbijspijkerdespijkerden bijbijspijkerden

      tegenwoordig deelwoord

      bijspijkerendbijspijkerende

    Crea una cuenta gratuita para generar la entrada completa de esta palabra.

    Gratis. Sin contrasena.

    Sigue aprendiendo