Boompje
deboom
Sustantivogrote groene plant
- grote plant met een enkele, verhoute stam en takkenDe boom biedt schaduw op een warme dag.
- een voorbereidende structuur van hout of een ander materiaal voor een specifiek doelDe architect ontwierp een structuur van hout voor het nieuwe gebouw.
- grafisch symbool dat een hiërarchische structuur of verbanden weergeeftDe structuur van de organisatie is duidelijk weergegeven.
- diminutief van boom, meestal een kleine of jonge boomHet boompje groeit snel.
deboom
Sustantivobeweging van takken
- grote, houtachtige plant met een stam en takkenDe dennenboom heeft groene naalden en een rechte stam.
- deel van een leven of tijdperk dat als belangrijk wordt beschouwdHet niveau van leven is in de afgelopen jaren verbeterd.
- diminutief van boom; een klein boompjeDit klein boompje staat op de vensterbank.
bomen
Verbomeervoud van boom
- een boom, houtachtige plant met een stevige stam, groeien of oprijzenDe planten in de achtertuin groeien snel.
- een manier om een alternatieve betekenis voor iets of iemand uit te drukkenEen uitdrukking kan soms misleidend zijn.
- de activiteit waarbij je een boom plantEen activiteit waarbij je een boom plant, draagt bij aan een groenere stad.
boomen
Verboiets dat in bomen bevindt
- in populariteit of succes toenemenDe populariteit van lokale ambachtelijke producten groeit snel.
- uitgroeien tot iets groot of belangrijksDe startup groeit snel.
- zich snel ontwikkelen of vermeerderenDe planten ontwikkelen zich goed na de regen.