NEDERLANDS
🇪🇸

    Deuken

    uncommonZipf 2.7

    zelfstandig naamwoord, enkelvoud; werkwoord

    • de deuk

      Sustantivo/'døk/

      enkelvoud

      deukdeukje

      meervoud

      deukendeukjes
    • deuken

      Verbo/'døkən; 'døkə/

      infinitief

      deuken

      tegenwoordige tijd

      deukdeuktdeuken

      verleden tijd

      deuktedeukten

      tegenwoordig deelwoord

      deukenddeukende

    Crea una cuenta gratuita para generar la entrada completa de esta palabra.

    Gratis. Sin contrasena.