Ertegen
ertegen
Adverbioals verwijzing naar iets dat 'tegen' is of staat
mening
Gebruikt om te zeggen dat iemand het niet eens is met iets; 'tegen' als antwoord op iets wat eerder genoemd is.
Veel mensen zijn ertegen om op zondag te werken.
plaats
Gebruikt om te zeggen dat iets tegen iets anders staat of gezet moet worden.
Zet de kast ertegen, dan staat hij niet in het midden van de kamer.
ertegen zijner niets tegen hebbener iets tegen doenertegen stemmen