Geschreeuw
hetgeschreeuw
Sustantivoluid schreeuwen; lawaai van schreeuwen
geluid
Het luide geluid dat mensen maken als ze schreeuwen.
Het geschreeuw van de kinderen op het schoolplein was erg luid.
opschudding
Een sterke, vaak boze reactie of commotie van veel mensen.
Het geschreeuw over het nieuwe plan duurde een week.
het geschreeuw van kinderenhet geschreeuw van de menigteveel geschreeuwhet geschreeuw in de klas