NEDERLANDS
🇪🇸

    Hinder

    B1uncommonZipf 2.6

    zelfstandig naamwoord, enkelvoud; werkwoord

    • de hinder

      Sustantivo/'hɪndər/

      enkelvoud

      hinder
    • hinderen

      Verbo/'hɪndərən; 'hɪndərə/

      infinitief

      hinderen

      tegenwoordige tijd

      hinderhinderthinderen

      verleden tijd

      hinderdehinderden

      tegenwoordig deelwoord

      hinderendhinderende

    Crea una cuenta gratuita para generar la entrada completa de esta palabra.

    Gratis. Sin contrasena.