Nut
A2top5000Zipf 4.1
adjectief; zelfstandig naamwoord, enkelvoud; werkwoord
nut
Adjetivo/'nʏt/stellende trap
nutnuttenutsvergrotende trap
nutternutterenuttersovertreffende trap
nutstnutstehet nut
Sustantivo/'nʏt/enkelvoud
nutnutten
Verbo/'nʏtən; 'nʏtə/infinitief
nuttentegenwoordige tijd
nutnuttenverleden tijd
nuttenuttentegenwoordig deelwoord
nuttendnuttende
Crea una cuenta gratuita para generar la entrada completa de esta palabra.
Gratis. Sin contrasena.