NEDERLANDS
🇪🇸

    Omvang

    B1commonZipf 3.6

    zelfstandig naamwoord, enkelvoud; werkwoord

    • de omvang

      Sustantivo/'ɔmvɑŋ/

      enkelvoud

      omvang

      meervoud

      omvangen
    • omvangen

      Verbo/ɔm'vɑŋən; ɔm'vɑŋə/

      infinitief

      omvangen

      tegenwoordige tijd

      omvangomvangtomvangen

      verleden tijd

      omvingomvingen

      tegenwoordig deelwoord

      omvangendomvangende

    Crea una cuenta gratuita para generar la entrada completa de esta palabra.

    Gratis. Sin contrasena.