NEDERLANDS
🇪🇸

    Snoeken

    uncommonZipf 1.8

    zelfstandig naamwoord, enkelvoud; werkwoord

    • de snoek

      Sustantivo/'snuk/

      enkelvoud

      snoeksnoekje

      meervoud

      snoekensnoekjes
    • snoeken

      Verbo/'snukən; 'snukə/

      tegenwoordige tijd

      snoektsnoekensnoek

      verleden tijd

      snoektesnoekten

      tegenwoordig deelwoord

      snoekendsnoekende

      voltooid deelwoord

      gesnoekt

    Crea una cuenta gratuita para generar la entrada completa de esta palabra.

    Gratis. Sin contrasena.

    Sigue aprendiendo