Vooruit
vooruit
Adverbionaar voren toe
- in de richting van voren, naar voren toeDe auto rijdt in de richting van voren.
- in de toekomst, laterIn de toekomst wil ik graag in Amsterdam wonen.
- gebruikt om aan te geven dat iets beter of verder is dan eerderDe student laat goede vooruitgang zien in zijn studie.
- als aansporing om door te gaan of te beginnenDe leraar gaf de leerlingen een aansporing om harder te werken.
vooruit
Interjeccionuitroep van aanmoediging
- uitroep om iemand aan te moedigen of aan te sporen om door te gaan of te beginnenKom op, je bent bijna klaar!
- uitroep om aan te geven dat iets acceptabel is of toegestaan wordt, vaak met enige tegenzinToestemming, je mag het proberen.
hetvooruit
Sustantivovoorschot geld
- het deel dat zich aan de voorkant bevindt, het voorste gedeelteDe voorkant van het huis is wit geschilderd.
- voordeel of winst die men heeft of behaalt, vaak in een spel of competitieHet voordeel van vroeg beginnen is dat je meer tijd hebt.
devooruit
Sustantivovoortgang beweging
- het deel dat zich aan de voorkant bevindt, de voorzijdeDe voorkant van het huis is geel geschilderd.
- voordeel of winst in een bepaalde situatieEen abonnement op de sportschool heeft veel voordelen.