NEDERLANDS
🇪🇸

    Weekeinden

    uncommonZipf 2.6

    werkwoord; zelfstandig naamwoord, enkelvoud; zelfstandig naamwoord, enkelvoud

    • weekeinden

      Verbo/'wekɛɪndən; 'wekɛɪndə/

      infinitief

      weekeinden

      tegenwoordige tijd

      weekeindweekeindtweekeinden

      verleden tijd

      weekeinddeweekeindden

      tegenwoordig deelwoord

      weekeindendweekeindende
    • het weekeind

      Sustantivo/'wekɛɪnt/

      enkelvoud

      weekeindweekeindje

      meervoud

      weekeindenweekeindjes
    • het weekeinde

      Sustantivo/'wekɛɪndə/

      enkelvoud

      weekeinde

      meervoud

      weekeindenweekeindes

    Crea una cuenta gratuita para generar la entrada completa de esta palabra.

    Gratis. Sin contrasena.