NEDERLANDS
🇳🇱

    Aflossen

    B1commonZipf 3.3

    werkwoord

    • aflossen

      Werkwoord/'ɑflɔsən; 'ɑflɔsə/

      tegenwoordige tijd

      lossen afaflossenlos afafloslost afaflost

      verleden tijd

      loste afaflostelosten afaflosten

      tegenwoordig deelwoord

      aflossendaflossende

      voltooid deelwoord

      afgelost

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.