NEDERLANDS
🇳🇱

    Doelpunt

    B1commonZipf 3.4

    zelfstandig naamwoord, enkelvoud; werkwoord

    • het doelpunt

      Zelfstandig naamwoord/'dulpʏnt/

      enkelvoud

      doelpuntdoelpuntje

      meervoud

      doelpuntendoelpuntjes
    • doelpunten

      Werkwoord/'dulpʏntən; 'dulpʏntə/

      infinitief

      doelpunten

      tegenwoordige tijd

      doelpuntdoelpunten

      verleden tijd

      doelpunttedoelpuntten

      tegenwoordig deelwoord

      doelpuntenddoelpuntende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.