NEDERLANDS
🇳🇱

    Dut

    A2uncommonZipf 2.2

    slaapje; teken; dommelen

    • de dut

      Zelfstandig naamwoord/'dʏt/

      slaapje

      enkelvoud

      dutdutje

      meervoud

      duttendutjes
    • de dut

      Zelfstandig naamwoord/'dʏt/

      teken

      enkelvoud

      dutdutje

      meervoud

      duttendutjes
    • dutten

      Werkwoord/'dʏtən; 'dʏtə/

      dommelen

      infinitief

      dutten

      tegenwoordige tijd

      dutdutten

      verleden tijd

      duttedutten

      tegenwoordig deelwoord

      duttendduttende
    • dutten

      Werkwoord/'dʏtən; 'dʏtə/

      een merk slaan in

      infinitief

      dutten

      tegenwoordige tijd

      dutdutten

      verleden tijd

      duttedutten

      tegenwoordig deelwoord

      duttendduttende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.