Flitsen
B1commonZipf 3.3
werkwoord; zelfstandig naamwoord, enkelvoud
flitsen
Werkwoord/'flɪtsən; 'flɪtsə/infinitief
flitsentegenwoordige tijd
flitsflitstflitsenverleden tijd
flitsteflitstentegenwoordig deelwoord
flitsendflitsendede flits
Zelfstandig naamwoord/'flɪts/enkelvoud
flitsflitsjemeervoud
flitsenflitsjes
Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.
Gratis. Geen wachtwoord.