NEDERLANDS
🇳🇱

    Gebouwd

    top5000Zipf 4.4

    maken; adjectief

    • bouwen

      Werkwoord/'bɔuwən; 'bɔuwə/

      maken

      infinitief

      bouwen

      tegenwoordige tijd

      bouwbouwtbouwen

      verleden tijd

      bouwdebouwden

      tegenwoordig deelwoord

      bouwendbouwende
    • gebouwd

      Bijvoeglijk naamwoord/ɣə'bɔut/

      stellende trap

      gebouwdgebouwdegebouwds

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.