NEDERLANDS
🇳🇱

    Geobsedeerd

    top5000Zipf 4.0

    werkwoord; adjectief

    • obsederen

      Werkwoord/ɔpsə'derən; ɔpsə'derə/

      infinitief

      obsederen

      tegenwoordige tijd

      obsedeerobsedeertobsederen

      verleden tijd

      obsedeerdeobsedeerden

      tegenwoordig deelwoord

      obsederendobsederende
    • geobsedeerd

      Bijvoeglijk naamwoord/ɣəɔpsə'dert/

      stellende trap

      geobsedeerdgeobsedeerdegeobsedeerds

      vergrotende trap

      geobsedeerdergeobsedeerderegeobsedeerders

      overtreffende trap

      geobsedeerdstgeobsedeerdste

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.