NEDERLANDS
🇳🇱

    Getraind

    top5000Zipf 4.1

    werkwoord; adjectief

    • trainen

      Werkwoord/'trenən; 'trenə; 'trɛːnən; 'trɛːnə/

      infinitief

      trainen

      tegenwoordige tijd

      traintrainttrainen

      verleden tijd

      traindetrainden

      tegenwoordig deelwoord

      trainendtrainende
    • getraind

      Bijvoeglijk naamwoord/ɣə'trent; ɣə'trɛːnt/

      stellende trap

      getraindgetraindegetrainds

      vergrotende trap

      getraindergetrainderegetrainders

      overtreffende trap

      getraindstgetraindste

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.