Gezamenlijk
B1commonZipf 3.4
adjectief
gezamenlijk
Bijvoeglijk naamwoord/ɣə'zamənlək; ɣə'zamələk/stellende trap
gezamenlijkgezamenlijkegezamenlijksvergrotende trap
gezamenlijkergezamenlijkeregezamenlijkersovertreffende trap
gezamenlijkstgezamenlijkste
Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.
Gratis. Geen wachtwoord.