Groene
top5000Zipf 4.5
adjectief; groen worden; zelfstandig naamwoord, enkelvoud
groen
Bijvoeglijk naamwoord/'ɣrun/stellende trap
groengroenegroensvergrotende trap
groenergroeneregroenersovertreffende trap
groenstgroenstegroenen
Werkwoord/'ɣrunən; 'ɣrunə/groen worden
infinitief
groenentegenwoordige tijd
groengroentgroenenverleden tijd
groendegroendentegenwoordig deelwoord
groenendgroenendede groene
Zelfstandig naamwoord/'ɣrunə/enkelvoud
groenemeervoud
groenengroenen
Werkwoord/'ɣrunən; 'ɣrunə/plagen
infinitief
groenentegenwoordige tijd
groengroentgroenenverleden tijd
groendegroendentegenwoordig deelwoord
groenendgroenende
Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.
Gratis. Geen wachtwoord.