NEDERLANDS
🇳🇱

    Hanteren

    B1commonZipf 3.3

    werkwoord

    • hanteren

      Werkwoord/hɑn'terən; hɑn'terə/

      infinitief

      hanteren

      tegenwoordige tijd

      hanteerhanteerthanteren

      verleden tijd

      hanteerdehanteerden

      tegenwoordig deelwoord

      hanterendhanterende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.