Ingreep
B1commonZipf 3.4
zelfstandig naamwoord, enkelvoud; werkwoord
de ingreep
Zelfstandig naamwoord/'ɪnɣrep/enkelvoud
ingreepingreepjemeervoud
ingrepeningreepjesingrijpen
Werkwoord/'ɪnɣrɛɪpən; 'ɪnɣrɛɪpə/infinitief
ingrijpentegenwoordige tijd
grijp iningrijpgrijpt iningrijptgrijpen iningrijpenverleden tijd
greep iningreepgrepen iningrepentegenwoordig deelwoord
ingrijpendingrijpende
Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.
Gratis. Geen wachtwoord.