Inrichten
B1commonZipf 3.3
werkwoord
inrichten
Werkwoord/'ɪnrɪxtən; 'ɪnrɪxtə/infinitief
inrichtentegenwoordige tijd
richt ininrichtrichten ininrichtenverleden tijd
richtte ininrichtterichtten ininrichttentegenwoordig deelwoord
inrichtendinrichtende
Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.
Gratis. Geen wachtwoord.