NEDERLANDS
🇳🇱

    Krassen

    B1commonZipf 3.5

    zelfstandig naamwoord, enkelvoud; werkwoord

    • de kras

      Zelfstandig naamwoord/'krɑs/

      enkelvoud

      kraskrasje

      meervoud

      krassenkrasjes
    • krassen

      Werkwoord/'krɑsən; 'krɑsə/

      infinitief

      krassen

      tegenwoordige tijd

      kraskrastkrassen

      verleden tijd

      krastekrasten

      tegenwoordig deelwoord

      krassendkrassende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.