NEDERLANDS
🇳🇱

    Losmaken

    A2commonZipf 3.7

    werkwoord

    • losmaken

      Werkwoord/'lɔsmakən; 'lɔsmakə/

      infinitief

      losmaken

      tegenwoordige tijd

      maak loslosmaakmaakt loslosmaaktmaken loslosmaken

      verleden tijd

      maakte loslosmaaktemaakten loslosmaakten

      tegenwoordig deelwoord

      losmakendlosmakende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.