NEDERLANDS
🇳🇱

    Nalaten

    B1commonZipf 3.3

    werkwoord

    • nalaten

      Werkwoord/'nalatən; 'nalatə/

      infinitief

      nalaten

      tegenwoordige tijd

      laat nanalaatlaten nanalaten

      verleden tijd

      liet nanalietlieten nanalieten

      tegenwoordig deelwoord

      nalatendnalatende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.