NEDERLANDS
🇳🇱

    Noordelijk

    B1commonZipf 3.3

    adjectief; werkwoord

    • noordelijk

      Bijvoeglijk naamwoord/'nordələk/

      stellende trap

      noordelijknoordelijkenoordelijks

      vergrotende trap

      noordelijkernoordelijkerenoordelijkers

      overtreffende trap

      noordelijkstnoordelijkste
    • noordelijken

      Werkwoord/'nordələkən; 'nordələkə/

      infinitief

      noordelijken

      tegenwoordige tijd

      noordelijknoordelijktnoordelijken

      verleden tijd

      noordelijktenoordelijkten

      tegenwoordig deelwoord

      noordelijkendnoordelijkende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.