NEDERLANDS
🇳🇱

    Opkijken

    A2commonZipf 3.6

    werkwoord

    • opkijken

      Werkwoord/'ɔpkɛɪkən; 'ɔpkɛɪkə/

      infinitief

      opkijken

      tegenwoordige tijd

      kijk opopkijkkijkt opopkijktkijken opopkijken

      verleden tijd

      keek opopkeekkeken opopkeken

      tegenwoordig deelwoord

      opkijkendopkijkende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.