NEDERLANDS
🇳🇱

    Trillen

    A2commonZipf 3.7

    werkwoord

    • trillen

      Werkwoord/'trɪlən; 'trɪlə/

      infinitief

      trillen

      tegenwoordige tijd

      triltrilttrillen

      verleden tijd

      trildetrilden

      tegenwoordig deelwoord

      trillendtrillende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.