NEDERLANDS
🇹🇷

    Overleggen

    A2commonZipf 3.9

    zelfstandig naamwoord, enkelvoud; bespreken; beraadslagen; tonen; overhandigen

    • het overleg

      Isim/ovər'lɛx/

      enkelvoud

      overlegoverlegje

      meervoud

      overleggenoverlegjes
    • overleggen

      Fiil/ovər'lɛɣən; ovər'lɛɣə/

      bespreken; beraadslagen

      /overleggen-overlegd-of-overgelegd

      infinitief

      overleggen

      tegenwoordige tijd

      overlegoverlegtoverleggen

      verleden tijd

      overlegdeoverlegden

      tegenwoordig deelwoord

      overleggendoverleggende
    • overleggen

      Fiil/'ovərlɛɣən; 'ovərlɛɣə/

      tonen; overhandigen

      /overleggen-overlegd-of-overgelegd

      infinitief

      overleggen

      tegenwoordige tijd

      leg overoverleglegt overoverlegtleggen overoverleggen

      verleden tijd

      legde overoverlegdelegden overoverlegden

      tegenwoordig deelwoord

      overleggendoverleggende

    Bu kelimenin tam kaydını oluşturmak için ücretsiz bir hesap oluştur.

    Ucretsiz. Sifre yok.