Achterblijven
achterblijven
Дієсловоniet meegaan; achtergelaten worden of minder snel vooruitgaan
niet meegaan
Op dezelfde plaats blijven terwijl anderen verder gaan; niet met de groep meelopen of meegaan.
Ik bleef achter op het plein toen mijn vrienden naar huis gingen.
achterlopen
Minder snel vooruitgaan of minder ver zijn dan anderen in werk, leren of ontwikkeling.
Op school blijft hij achter met rekenen.
overblijven
Iets of iemand blijft ergens achter als anderen weggaan; er blijft iets over (rommel, spullen, schulden).
Na het feestje bleef er veel rommel achter in de tuin.
blijven achterachterblijven bijachterblijven metachtergebleven regioachtergebleven kinderen