NEDERLANDS
↓↑Enter →
  • 11Bezig
    Прикметникactief bezig zijn
  • 22Bezigen
    Дієсловоiets uitvoeren of gebruiken

Огляд

СловникСловниковий запасМої словаНещодавні слова
NEDERLANDS
↓↑Enter →
🇺🇦
  • 11Bezig
    Прикметникactief bezig zijn
  • 22Bezigen
    Дієсловоiets uitvoeren of gebruiken
  1. NEDERLANDS
  2. /Словник
  3. /Bezigende
СловникBezigende

Bezigende

  • bezig

    Прикметник

    actief bezig zijn

    1. actief met iets werken of doenDe activiteit duurt van negen tot vijf.
    2. druk zijn, geen tijd hebben om iets anders te doenHet is altijd druk in de stad.
    3. verstrikt of betrokken in ietsHij is verstrikt in een juridisch conflict.
  • bezigen

    Дієслово

    iets uitvoeren of gebruiken

    1. zich bezighouden met iets, gebruiken of toepassenIk gebruik mijn computer om informatie te zoeken.
    2. actief zijn in een bepaalde functie of rolMijn zus heeft een nieuwe functie als teamleider.

Споріднені слова

bezigbezigdebezigdenbezigebezigenbezigendbezigerbezigerebezigersbezigsbezigstbezigstebezigtgebezigd

Продовжуйте вчитися

Найпоширеніші нідерландські словаПрактикувати