Buurten
debuurt
Іменникwijk; omgeving
wijk
Een deel van een stad of dorp waar mensen wonen; een woongebied met straatnamen en huizen.
Ik woon al tien jaar in deze buurt.
nabijheid
De omgeving dicht bij een plaats of persoon; 'in de buurt' betekent dichtbij.
Is er een supermarkt in de buurt?
gemeenschap
De mensen die in hetzelfde deel van een stad of dorp wonen en soms samen activiteiten doen.
De buurt organiseerde een straatfeest na de renovatie.
in de buurtbuurtwinkelbuurtbewonerbuurtverenigingbuurtcentrumbuurten
Дієсловоinformeel op bezoek gaan bij buren of met buren praten
op bezoek
Informeel bij iemand langsgaan, vaak bij de buren, om even te kijken of te vragen of te praten.
We gingen vanmiddag even buurten bij de nieuwe buren.
kletsen/bijpraten
Gezellig tijd doorbrengen met mensen uit de buurt en met hen praten; sociaal contact hebben.
Op zondagochtend zaten de buurtende ouderen op het bankje te kletsen.
even buurtengaan buurtenkomen buurtenbij de buren buurtenmet de buren buurten