NEDERLANDS
🇺🇦

    Opschrikken

    B1uncommonZipf 2.5

    doen schrikken; schrik krijgen

    • opschrikken

      Дієслово/'ɔpsxrɪkən; 'ɔpsxrɪkə/

      doen schrikken

      infinitief

      opschrikken

      tegenwoordige tijd

      schrik opopschrikschrikt opopschriktschrikken opopschrikken

      verleden tijd

      schrikte opopschrikteschrikten opopschrikten

      tegenwoordig deelwoord

      opschrikkendopschrikkende
    • opschrikken

      Дієслово/'ɔpsxrɪkən; 'ɔpsxrɪkə/

      schrik krijgen

      infinitief

      opschrikken

      tegenwoordige tijd

      schrik opopschrikschrikt opopschriktschrikken opopschrikken

      verleden tijd

      schrok opopschrokschrokken opopschrokken

      tegenwoordig deelwoord

      opschrikkendopschrikkende

    Створіть безкоштовний акаунт, щоб згенерувати повний запис для цього слова.

    Безкоштовно. Без пароля.