NEDERLANDS
🇺🇦

    Opspeelt

    uncommonZipf 2.3

    werkwoord

    • opspelen

      Дієслово/'ɔpspelən; 'ɔpspelə/

      infinitief

      opspelen

      tegenwoordige tijd

      speel opopspeelspeelt opopspeeltspelen opopspelen

      verleden tijd

      speelde opopspeeldespeelden opopspeelden

      tegenwoordig deelwoord

      opspelendopspelende

    Створіть безкоштовний акаунт, щоб згенерувати повний запис для цього слова.

    Безкоштовно. Без пароля.

    Продовжуйте вчитися