NEDERLANDS
🇺🇦

    Samenwonende

    uncommonZipf 1.8

    werkwoord; zelfstandig naamwoord, enkelvoud

    • samenwonen

      Дієслово/'samənwonən; 'saməwonə/

      infinitief

      samenwonen

      tegenwoordige tijd

      woon samensamenwoonwoont samensamenwoontwonen samensamenwonen

      verleden tijd

      woonde samensamenwoondewoonden samensamenwoonden

      tegenwoordig deelwoord

      samenwonendsamenwonende
    • de samenwonende

      Іменник/'samənwonəndə; 'saməwonəndə/

      enkelvoud

      samenwonende

      meervoud

      samenwonenden

    Створіть безкоштовний акаунт, щоб згенерувати повний запис для цього слова.

    Безкоштовно. Без пароля.

    Продовжуйте вчитися