NEDERLANDS
🇺🇦

    Spruit

    A2uncommonZipf 2.7

    zelfstandig naamwoord, enkelvoud; werkwoord

    • de spruit

      Іменник/'sprœyt/

      enkelvoud

      spruitspruitje

      meervoud

      spruitenspruitjes
    • spruiten

      Дієслово/'sprœytən; 'sprœytə/

      infinitief

      spruiten

      tegenwoordige tijd

      spruitspruiten

      verleden tijd

      sprootsproten

      tegenwoordig deelwoord

      spruitendspruitende

    Створіть безкоштовний акаунт, щоб згенерувати повний запис для цього слова.

    Безкоштовно. Без пароля.