NEDERLANDS
↓↑Enter →
  • 11Hebben
    动词bezitten of krijgen
  • 22Hebben(het)
    普通名词bezit of eigendom

浏览

词典词汇表我的单词最近词语
NEDERLANDS
↓↑Enter →
🇨🇳
  • 11Hebben
    动词bezitten of krijgen
  • 22Hebben(het)
    普通名词bezit of eigendom
  1. NEDERLANDS
  2. /词典
  3. /Hebben
词典Hebben

Hebben

  • hebben

    动词

    bezitten of krijgen

    1. in bezit of beheer hebbenHij bezit een mooie fiets.
    2. in bezit van iets zijnHij bezit een mooie fiets.
    3. ervaren of voelenIk heb vaak een gevoel van vreugde.
    4. inwendige toestand of kenmerk uitdrukkenIk heb vaak een gevoel van vreugde.
  • hethebben

    普通名词

    bezit of eigendom

    1. bezitting, het hebben van ietsMijn zus heeft een blauwe fiets.
    2. het beschikken over iets; bezitMijn zus heeft een blauwe fiets.
    3. wat iemand heeft of bezit, vooral als het veel waarde vertegenwoordigtHij bewaart zijn oude munten zorgvuldig omdat ze veel waarde hebben.

相关词汇

gehadhadhaddenhebhebbehebbendhebbendehebtheeft

继续学习

更多 A1 词汇练习