NEDERLANDS
↓↑Enter →
  • 11Oud(de-het)
    形容词niet nieuw
  • 22Ouder(de)
    普通名词iemand ouder

浏览

词典词汇表我的单词最近词语
NEDERLANDS
↓↑Enter →
🇨🇳
  • 11Oud(de-het)
    形容词niet nieuw
  • 22Ouder(de)
    普通名词iemand ouder
  1. NEDERLANDS
  2. /词典
  3. /Ouder
词典Ouder

Ouder

  • de-hetoud

    形容词

    niet nieuw

    1. met veel jaren geleefd, niet meer jongDe leeftijd van mijn leraar is zestig jaar.
    2. gebruik en versleten, niet meer nieuwDe versleten schoenen zijn niet meer comfortabel.
    3. traditioneel, uit een ver verledenDeze historische stad heeft veel oude gebouwen.
    4. van minder waarde of minder belangrijkDit boek heeft minder waarde dan de nieuwste editie.
  • deouder

    普通名词

    iemand ouder

    1. persoon die kinderen heeft of voor iemand zorgtEen verantwoordelijke ouder zorgt voor zijn kinderen.
    2. iemand die ouder is dan een anderDe verhouding tussen de studenten en de leraar is belangrijk voor een goede les.
    3. een oudere generatieDe oudere generatie heeft veel levenservaring.

相关词汇

oudoudeoudereoudersoudsoudstoudste