NEDERLANDS
🇨🇳
  • Toelaten
    动词toestaan iemand of iets toegang geven

Toelaten

  • toelaten

    动词

    toestaan; iemand of iets toegang geven

    1. toestaan

      Iets goedvinden of niet verbieden, zodat iets mag gebeuren.

      De leraar laat geen telefoons in de klas toe.

    2. toelating / toegang

      Iemand of iets binnenlaten, bijvoorbeeld bij een gebouw of in een opleiding.

      Zij is niet toegelaten tot de universiteit.

    toelaten totniet toelatentoelaten intoelaten op

继续学习