NEDERLANDS
🇨🇳
  • Verdelen
    动词in delen splitsen

Verdeel

  • verdelen

    动词

    iets in delen maken of aan mensen geven

    1. in delen

      Iets in twee of meer stukken maken.

      We moeten de taart eerlijk verdelen.

    2. uitdelen

      Iets aan mensen geven, zodat iedereen iets krijgt.

      De lerares verdeelt de koekjes onder de kinderen.

    3. spreiden

      Iets over mensen, taken of tijd verdelen, zodat het werk of de kosten niet op één persoon rusten.

      Ze verdeelden de werkzaamheden over twee dagen.

    taart verdelentaken verdelenkosten verdelenrollen verdelenwinst verdelen

继续学习