NEDERLANDS
搜索
翻译
🇨🇳
🇬🇧 English
🇩🇪 Deutsch
🇨🇳 中文
🇳🇱 Nederlands
🇺🇦 Українська
🇹🇷 Türkçe
🇪🇸 Español
🇬🇧 English
🇩🇪 Deutsch
🇨🇳 中文
🇳🇱 Nederlands
🇺🇦 Українська
🇹🇷 Türkçe
🇪🇸 Español
Woordenlijst
最常见的荷兰语单词,按日常语言中的出现频率排列。基于SUBTLEX-NL语料库 — 来自荷兰影视字幕的4400万词。
频率
最近
全部
A1
A2
B1
B2
C1
C2
第1251–1300个,共4783个单词
练习
前5,000 — 全面词汇
1251
inpakken
v.
— spullen in iets doen om te
1252
uitmaken
1253
deken
n.
— functie van deken
1254
kok
v.
— werken als kok maaltijden bereiden als
1255
piano
n.
— zachte passage
1256
terugbrengen
v.
— iemand of iets naar de plaats
1257
herhalen
1258
wond
v.
— verwonden maken
1259
gebrek
n.
— tekort of gebrek
1260
concert
n.
— muziekoptreden
1261
begrip
n.
— inzicht medeleven begrip als idee
1262
periode
1263
lamp
n.
— lichtbron voor kamer
1264
nut
v.
— gebruikmaken van iets er voordeel van
1265
inzetten
v.
— iets in werking stellen
1266
symbool
n.
— teken of voorwerp dat iets anders
1267
pijp
v.
— informeel orale seks geven ook een
1268
kooi
v.
— iets of iemand in een kooi
1269
handig
adj.
— makkelijk in gebruik
1270
schrik
v.
— plotseling bang worden
1271
opsluiten
1272
secretaresse
n.
— vrouw die administratief werk op kantoor
1273
afspreken
n.
— een bepaalde afspraak
1274
circus
n.
— vermaak met dieren
1275
zinloos
adj.
— zonder nuttig doel
1276
afsluiten
1277
ton
v.
— iets in tonnen doen in vaten
1278
ontvoering
n.
— het mee- of wegnemen van iemand
1279
scherm
1280
schilderen
v.
— kunst maken met verf
1281
plaat
n.
— platte object of materiaal
1282
uitschakelen
v.
— uitzetten stoppen
1283
pols
v.
— informeren of peilen
1284
smeren
n.
— vette substantie
1285
straffen
v.
— iemand een straf geven
1286
ridder
v.
— tot ridder benoemen
1287
vreugde
n.
— gevoel van blijdschap
1288
hup
n.
— sprong of beweging
1289
gif
n.
— gewoonterechtelijke uitkering
1290
centimeter
n.
— maateenheid voor lengte
1291
waaraan
adv.
— betrekking op iets
1292
diefstal
n.
— het stelen van spullen
1293
zeuren
v.
— klagen of zeuren
1294
bloem
v.
— meervoud van bloem
1295
streng
v.
— strakker maken
1296
overdag
adv.
— tijdens de dag
1297
bond
n.
— verbintenis of relatie
1298
schoppen
n.
— kaartkleur klaveren
1299
beroven
v.
— iets afnemen van iemand
1300
aanwijzing
n.
— richtlijn of teken
Vorige
26 / 96
Volgende