NEDERLANDS
搜索
翻译
🇨🇳
🇬🇧 English
🇩🇪 Deutsch
🇨🇳 中文
🇳🇱 Nederlands
🇺🇦 Українська
🇹🇷 Türkçe
🇪🇸 Español
🇬🇧 English
🇩🇪 Deutsch
🇨🇳 中文
🇳🇱 Nederlands
🇺🇦 Українська
🇹🇷 Türkçe
🇪🇸 Español
Woordenlijst
最常见的荷兰语单词,按日常语言中的出现频率排列。基于SUBTLEX-NL语料库 — 来自荷兰影视字幕的4400万词。
频率
最近
全部
A1
A2
B1
B2
C1
C2
第1801–1850个,共4783个单词
练习
常见词汇
1801
ontwikkeling
n.
— proces van groei
1802
afpakken
v.
— iets vaak tegen iemands wil wegnemen
1803
uitpraten
1804
ontvoeren
1805
sfeer
n.
— de stemming of het gevoel dat
1806
stoep
v.
— met stoeptegels of stenen een stoep
1807
rukken
adj.
— slecht van kwaliteit
1808
roeien
1809
voegen
v.
— voegen opvullen
1810
opschrijven
1811
hardop
adv.
— zo dat anderen het kunnen horen
1812
uitrusten
1813
vos
v.
— iemand foppen misleiden
1814
villa
n.
— grote woning
1815
toelaten
v.
— toestaan iemand of iets toegang geven
1816
eren
n.
— afkorting Europese munt
1817
vrouwe
n.
— titel voor adellijke dame
1818
arrogant
adj.
— denkt dat hij beter is dan
1819
mol
n.
— klein knaagdier
1820
conclusie
n.
— slot oordeel na nadenken
1821
portier
n.
— deur
1822
immers
adv.
— geeft een bekende of vanzelfsprekende reden
1823
inmiddels
adv.
— intussen ondertussen
1824
likken
1825
hals
v.
— met nek vastpakken
1826
opkomen
v.
— verschijnen zich tonen zich kandidaat stellen
1827
oost
n.
— voormalig nederlands-indië
1828
reus
n.
— grote man of wezen
1829
beoordelen
v.
— iemand of iets bekijken en er
1830
afleiden
1831
strijden
v.
— vechten of concurreren zich inzetten voor
1832
walvis
n.
— afkorting sterrenbeeld
1833
overboord
adv.
— van het schip af
1834
online
adj.
— via internet verbonden
1835
onderuit
adv.
— naar beneden glijden
1836
verdelen
v.
— in delen splitsen
1837
wijd
v.
— heilig maken of inwijden
1838
aankomst
n.
— moment van arriveren
1839
ruk
adj.
— slecht van kwaliteit
1840
fluit
v.
— geluid maken met lippen
1841
daarachter
adv.
— achter dat iets
1842
teen
n.
— jonge koe
1843
voorwerp
v.
— iets verplaatsen
1844
koets
v.
— rijden met een koets
1845
bestel
n.
— systeem van levering
1846
zwaaien
n.
— beweging met hand of arm
1847
december
n.
— laatste maand van het jaar
1848
hoepel
v.
— met hoepel spelen
1849
biefstuk
n.
— stuk rundvlees
1850
overwinnen
v.
— een gevoel bedwingen
Vorige
37 / 96
Volgende