het
NEDERLANDS
📖
搜索
翻译
🇨🇳
🇬🇧 English
🇩🇪 Deutsch
🇨🇳 中文
🇳🇱 Nederlands
🇺🇦 Українська
🇹🇷 Türkçe
🇪🇸 Español
🇬🇧 English
🇩🇪 Deutsch
🇨🇳 中文
🇳🇱 Nederlands
🇺🇦 Українська
🇹🇷 Türkçe
🇪🇸 Español
Woordenlijst
最常见的荷兰语单词,按日常语言中的出现频率排列。基于SUBTLEX-NL语料库 — 来自荷兰影视字幕的4400万词。
全部
A1
A2
B1
B2
C1
C2
第151–200个,共89581个单词
前500 — 基本日常用词
151
niks
A2
v.
— niets doen
152
kunt
n.
— vermogen of capaciteit
153
vrouw
A1
n.
— een volwassen vrouwelijke persoon
154
huis
A1
v.
— verhuizen of wonen
155
allemaal
A1
pron.
— alle mensen samen
156
vader
A1
v.
— ouder zijn
157
geld
A1
n.
— munt of bankbiljetten
158
dacht
v.
— over iets nadenken
159
anders
A2
pron.
— een ander iets
160
wilt
n.
— de wens of behoefte
161
dank
A1
v.
— uitdrukken waardering
162
jaar
A1
n.
— periode van twaalf maanden
163
hun
A1
n.
— naam van de Huns
164
zij
A2
n.
— essentie zijn
165
willen
A1
n.
— de wens of behoefte
166
erg
A1
n.
— erg situatie
167
zitten
A1
v.
— in een positie blijven
168
hé
A2
interj.
— uitroep aandacht
169
keer
A1
v.
— to turn or return
170
jouw
B1
pron.
— your (singular)
171
zoals
A2
conj.
— vergelijking uitdrukken
172
wilde
A2
n.
— de wens of behoefte
173
niemand
A1
pron.
— geen persoon
174
iedereen
A1
pron.
— alle mensen
175
zich
A1
pron.
— reflexief voornaamwoord
176
gezien
B2
v.
— iets waarnemen
177
vind
v.
— ontdekken of houden van
178
beter
B1
n.
— bezit of voorwerp
179
werk
A1
n.
— activiteit of taak
180
binnen
A1
prep.
— binnen een plaats
181
bedankt
v.
— dank betuigen
182
spijt
A2
n.
— gevoel van spijt
183
vast
A2
adj.
— zeker zijn
184
neem
v.
— iets pakken of gebruiken
185
andere
pron.
— een ander iets
186
staat
A2
v.
— rechtop zijn
187
moeder
A1
v.
— het moment van moeder worden
188
zullen
A1
v.
— toekomende tijd hulpwerkwoord
189
waren
n.
— essentie zijn
190
maak
v.
— iets creëren of doen
191
praten
A1
v.
— met iemand converseren
192
één
A2
num.
— één getal
193
kon
n.
— vermogen of capaciteit
194
mooi
A1
adj.
— aantrekkelijk visueel
195
hele
v.
— geheim houden
196
genoeg
A1
v.
— iets plezier of voldoening
197
vinden
A1
v.
— ontdekken of houden van
198
lang
A1
v.
— verlangen of vragen
199
leuk
A1
adj.
— aantrekkelijk of plezierig
200
wist
A2
v.
— toeschrijven aan iets
Vorige
4 / 1792
Volgende