Common Noun

Singularformen

Bakel is een zelfstandig naamwoord en is een de-woord.

Bestimmt (de/het)
de bakel
"De bakel is een natuurlijk product."
Unbestimmt (een)
een bakel
"Ik heb een bakel gekocht."
Ohne Artikel
bakel
"Bakel is handig voor veel dingen."

Pluralformen

Bakel heeft een meervoud dat eindigt op -s.

Bestimmt (de)
de bakels
"De bakels zijn van goede kwaliteit."
Ohne Artikel
bakels
"We hebben verschillende bakels."

Verkleinerungsform

bakeltje
"Dit is een schattig bakeltje."

Een bakeltje is kleiner of schattiger dan een bakel.

informal

HĂ€ufige Komposita

  • bakelijm

    "De bakelijm is sterk en duurzaam."

    lijm gemaakt van bakeliet

  • bakelhouder

    "Een bakelhouder is handig voor op tafel."

    houder voor een bakel

HĂ€ufige Wortkombinationen

  • baken van licht

    "Het baken van licht helpt schepen navigeren."

    Een baken van licht is een lichtbron voor navigatie.

  • een bakel zetten

    "Bij het feest zetten we een bakel."

    Een bakel zetten betekent iets maken of bereiden.

Wichtige Hinweise

  • countability:Bakel is een telbaar zelfstandig naamwoord.
  • usage:Bakel wordt vaak gebruikt in de context van ambacht en natuur.
  • register:In formele tekst kan bakel meer waardering krijgen.

Dieses Wörterbuch ist KI-generiert — das einzige vollstĂ€ndige niederlĂ€ndische Lernerwörterbuch seiner Art. Ich aktualisiere gerade auf die neuesten KI-Modelle, daher kann es gelegentlich Fehler geben. Wenn etwas seltsam aussieht, vertraue deinem Instinkt.