NEDERLANDS
🇩🇪

    Aanwippen

    uncommonZipf 2.4

    werkwoord

    • aanwippen

      Verb/'anwɪpən; 'anwɪpə/

      infinitief

      aanwippen

      tegenwoordige tijd

      wip aanaanwipwipt aanaanwiptwippen aanaanwippen

      verleden tijd

      wipte aanaanwiptewipten aanaanwipten

      tegenwoordig deelwoord

      aanwippendaanwippende

    Erstelle ein kostenloses Konto, um den vollständigen Eintrag für dieses Wort zu generieren.

    Kostenlos. Kein Passwort.

    Weiterlernen