NEDERLANDS
↓↑Enter →
  • 11Allemaal
    Adverbiedereen samen
  • 22Allemaal
    Pronomenalle mensen samen

Durchsuchen

WörterbuchWortschatzMeine WörterZuletzt gesuchte Wörter
NEDERLANDS
↓↑Enter →
🇩🇪
  • 11Allemaal
    Adverbiedereen samen
  • 22Allemaal
    Pronomenalle mensen samen
  1. NEDERLANDS
  2. /Wörterbuch
  3. /Allemaal
WörterbuchAllemaal

Allemaal

  • allemaal

    Adverb

    iedereen samen

    1. de gehele groep; alles en iedereenDe groep is enthousiast over het nieuwe plan.
    2. in totaal, alles samen genomenHet totaal bedrag was hoger dan verwacht.
    3. ook; bovendienDe aanvulling maakt het verhaal duidelijker.
  • allemaal

    Pronomen

    alle mensen samen

    1. totaal, het geheel, voor alle betrokkenenDeze groepen zijn allemaal belangrijk voor het project.
    2. iedereen of alles van dezelfde soort, zonder uitzonderingIedereen moet zijn of haar huiswerk doen.
    3. aanvullend 'ook' of 'zelfs' in informele contextZij is niet alleen een goede zangeres, maar ook een goede danseres.

Weiterlernen

Mehr A1-WörterÜben